Waterloten van een perenboom snoei je weg omdat ze energie stelen van de vruchtdragende takken en de boom uit balans brengen. Het zijn de lange, rechte loten die steil omhoog schieten, vaak vanuit de stam of oudere takken. Ze groeien snel, geven geen fruit en maken de boom onnodig druk en ondoorzichtig.
Hoe herken je waterloten bij een perenboom?
Waterloten zijn makkelijk te onderscheiden van normale scheuten. Ze groeien vrijwel recht omhoog, staan stijf en hebben een iets afwijkend uiterlijk ten opzichte van de rest van de boom. Ze zijn vaak dunner dan de tak waarop ze zitten, maar groeien wel opvallend snel. Je vindt ze regelmatig na zwaar snoeien, na beschadiging van de boom of gewoon als de boom te weinig licht krijgt.
Normaal groeiende takken groeien schuin of horizontaal weg van de stam. Waterloten staan bijna loodrecht. Als je twijfelt: kijk naar de hoek. Een scherpe, steile hoek met de stam of moedertak is een goed teken dat je met een waterloot te maken hebt.
Waarom waterloten van een perenboom verwijderen?
Waterloten groeien heel erg snel en verbruiken daarvoor veel voedingsstoffen. Die energie gaat dan niet naar de vorming van bloemen en vruchten. Laat je ze staan, dan krijg je een boom vol met stijle, onvruchtbare takken die ook nog eens licht wegnemen voor de takken die wél fruit dragen.
Bovendien maakt een wirwar van waterloten de boom ondoorzichtig. Dat is slecht voor de luchtcirculatie, wat schimmelziekten zoals roest of bacterievuur in de hand werkt. Voor een perenboom, die al gevoelig kan zijn voor bacterievuur, is een open en goed doorzichtige kroon echt een voordeel.
Waterloten perenboom snoeien: het juiste moment
De beste periode om waterloten weg te snoeien is de zomer, tussen juni en augustus. Op dat moment zie je duidelijk welke loten waterloten zijn, want de boom staat in blad. Bovendien herstelt de boom in de zomer minder makkelijk van snoeiwonden dan in het groeiseizoen aan het begin, waardoor nieuwe waterloten minder snel terugkomen.
Wil je in de winter snoeien, dan kan dat ook. Let er dan op dat je het verschil tussen een vruchttak en een waterloot goed herkent zonder blad. De steile groeihoek blijft ook in de winter zichtbaar.
Zo snoei je waterloten bij een perenboom
- Gebruik een scherp en schoon snoeigereedschap. Een vuil mes of een botte snoeischaar vergroot de kans op infectie.
- Knip de waterloot zo dicht mogelijk bij de tak of stam weg, zonder een stomp achter te laten. Een stomp groeit namelijk snel weer vol met nieuwe waterloten.
- Snoei in één vlotte beweging, zodat de wond gelijk en glad is. Dit heelt sneller.
- Verwijder de afgesneden loten meteen van het snoeioppervlak. Laat ze niet rondslingeren onder de boom, zeker niet als de boom gevoelig is voor ziekten.
- Ontsmet je gereedschap tussen bomen in, zeker als je meerdere perenbomen snoeit.
Wat als waterloten steeds terugkomen?
Het is normaal dat waterloten terugkomen, zeker na zwaar snoeien. Snoeien geeft de boom een groeiprikkel, en een deel van die energie schiet omhoog als waterloten. Als je ieder jaar flink snoeit, kun je rekenen op een flinke nieuwe golf waterloten. De oplossing is geleidelijker snoeien: verwijder niet te veel takken tegelijk, dan reageert de boom rustiger.
Soms helpt het om jonge waterloten al vroeg in het seizoen met de hand af te breken, nog voordat ze verhout zijn. Dat gaat makkelijker dan snoeien en de boom reageert er minder sterk op dan op een snede met een schaar.
Waterloten bij een perenboom zijn geen ramp, maar ze vragen wel om regelmatige aandacht. Wie ze elk jaar weghaalt op het juiste moment, houdt de boom gezond, open en productief.




